Basis zwakke werkwoorden - voltooid deelwoord

Wil jij online oefenen met het onderwerp Basis zwakke werkwoorden - voltooid deelwoord? Of wil je andere nederlands onderwerpen online oefenen? Dat kan op een leuke en leerzame manier met de oefensoftware van Slimleren. probeer Slimleren nu vrijblijvend een week gratis uit, en ontdek hoe makkelijk het werkt!

Basis zwakke werkwoorden - voltooid deelwoord

Met Slimleren oefen je online op een leuke en efficiënte manier stof uit de les. Kom je ergens niet uit? Dan past het systeem automatisch het niveau aan en geeft handige tips. Zo loop je nooit meer vast en worden zelfs de moeilijkste onderwerpen een fluitje van een cent.

Hieronder zie je de theorie van het onderwerp Basis zwakke werkwoorden - voltooid deelwoord, met Slimleren kun je vragen over dit onderwerp (en honderden andere onderwerpen) oefenen. Je krijgt direct feedback als je een vraag fout beantwoordt en ziet gemakkelijk welke onderwerpen nog wat extra aandacht nodig hebben. Zo ben je altijd voorbereid op toetsen en ga je fluitend het schooljaar door.

Basis zwakke werkwoorden - voltooid deelwoord
  • voltooid deelwoord
  • zwakke werkwoorden
  • kofschip
  • 't kofschip
  • kofschiptaxi

  Theorie

Uitdaging

Wat is een voltooid deelwoord en hoe schrijf je het voltooid deelwoord van zwakke werkwoorden?

Methode

Wat is een voltooid deelwoord?

Je gebruikt de werkwoordsvorm "voltooid deelwoord" als je wilt aangeven dat je iets in het verleden hebt gedaan. Je kan in de zin dan de verleden tijd gebruiken (Ik tenniste vroeger vaak), maar je kan ook het voltooid deelwoord gebruiken (Ik heb vroeger vaak getennist).

Je kan het voltooid deelwoord herkennen door de hoofdpersoon in de zin te veranderen naar meervoud of naar enkelvoud. Als het werkwoord dan niet meeverandert, dan is het een voltooid deelwoord.

Daarnaast staat het voltooid deelwoord altijd in een zin samen met een ander werkwoord dat wel afhangt van de hoofdpersoon, meestal de werkwoorden "zijn" of "hebben". Zoals bijvoorbeeld:

Hij is daar geweest.
Jullie zijn daar geweest.

Zij hebben dat gedaan.
Ik heb dat gedaan.

Zij zijn erin geluisd.
Hij is erin geluisd.

Hij heeft gevoetbald.
Wij hebben gevoetbald.


Ge + ik-vorm + t

Om te bepalen of je een d of een t gebruikt in het voltooid deelwoord, gebruik je net als bij de verleden tijd de regel van 't kofschip. Dus, als het werkwoord eindigt op -ten, -ken, -fen, -sen, -chen of -pen (en ook -xen), dan gebruik je ge + ik-vorm + t. Het voltooid deelwoord schrijf je altijd hetzelfde, onafhankelijk van enkelvoud of meervoud:

praten - ik heb gepraat - wij hebben gepraat
maken - ik heb gemaakt - wij hebben gemaakt
boffen - ik heb geboft - wij hebben geboft
passen - ik heb gepast - wij hebben gepast
pochen - ik heb gepocht - wij hebben gepocht
snappen - ik ben gesnapt - wij zijn gesnapt
relaxen - ik heb gerelaxt - wij hebben gerelaxt

Let op: als de laatste letter voor de -en een t is (zoals bij praten), dan komt er géén extra t bij in het voltooid deelwoord.

Ge + ik-vorm + d

Als het werkwoord niet eindigt op -ten, -ken, -fen, -sen, -chen of -pen (en ook -xen), dan gebruik je ge + ik-vorm + d voor het voltooid deelwoord. Dus ook alle werkwoorden die voor de -en een klinker hebben gebruik je ge + stam + d. Bijvoorbeeld:

kneden - Ik heb gekneed
dromen - Ik heb gedroomd
bezorgen - Ik heb bezorgd
kleien - Ik heb gekleid 

Let op: Als de laatste letter voor de -en een d is (zoals bij kneden), dan komt er géén extra d bij in het voltooid deelwoord.

Let op: Als de laatste letter voor de -en een v is (zoals bij kleven) of een z is (zoals bij vrezen), dan worden er vaak fouten gemaat. Dat komt omdat kleven in de ik-vorm "kleef" is, waarbij de laatste letter een f is en vrezen is in de ik-vorm "vrees", waarbij de laatste letter een s is. Deze letters zitten allebei in 't kofschip. Maar let goed op! Je moet kijken naar het hele werkwoord -en, dus naar klev-en en vrez-en. Deze zitten niet in 't kofschip, dus je plakt -de(n) achter deze ik-vormen in de verleden tijd. Dus: kleven - kleefde - kleefden - gekleefd, vrezen - vreesde - vreesden - gevreesd.


Ge + hele werkwoord

In sommige gevallen wordt het voltooid deelwoord geschreven als ge + het hele werkwoord. Dit komt weinig voor, maar je moet gewoon weten (of na veel oefening aanvoelen) welke zwakke werkwoorden deze spellingsregel volgen. Enkele voorbeelden zijn:

lachen - ik heb gelachen
malen - ik heb gemalen
bakken - ik heb gebakken

 

Kofschiptaxi

Veel leerlingen leren nog steeds via 't kofschip hoe ze het voltooid deelwoord van een werkwoord moeten schrijven, maar zoals je hierboven kan lezen doet de x eigenlijk ook mee met deze regel, terwijl deze niet in 't kofschip staat.

Daarom is er een nieuw woord bedacht voor deze regel, namelijk kofschiptaxi. Deze kan je dus misschien wel beter gebruiken om na te gaan wat de correcte spelling van het voltooid deelwoord is: met een -t of een -d.

 

Let op: Werkwoorden die beginnen met een e of i

Werkwoorden die met een e of i beginnen, krijgen in het voltooid deelwoord twee puntjes op een letter, of ook een "trema" genoemd. Het trema wordt gezet op de letter waar de nieuwe klank hoort te beginnen. Bijvoorbeeld:

etaleren - ik heb geëtaleerd (in plaats van geetaleerd, dan spreek je namelijk niet een korte én een lange e uit)

egaliseren - ik heb geëgaliseerd (in plaats van geegaliseerd, dan spreek je namelijk niet een korte én een lange e uit)

immigreren - ik ben geïmmigreerd (in plaats van geimmigreerd, dan spreek je namelijk een ei uit. Met een trema op de i spreek je nog wel de i-klank uit, zoals bij het hele werkwoord immigreren)

itereren - ik heb geïtereerd (in plaats van geitereerd, dan spreek je namelijk een ei uit. Met een trema op de i spreek je nog wel de i-klank uit, zoals bij het hele werkwoord itereren)

Met Slimleren kun je op een leuke manier thuis extra oefenen met de vakken waar jij moeite mee hebt. Zo ben je beter voorbereid en heb je nooit meer stress voor toetsen.

  Vuistregels

  • Om te bepalen of je een d of een t gebruikt in het voltooid deelwoord, gebruik je net als bij de verleden tijd de regel van 't kofschip. Dus, als het werkwoord eindigt op -ten, -ken, -fen, -sen, -chen of -pen (en ook -xen), dan gebruik je ge + ik-vorm + t.
  • Als het werkwoord niet eindigt op -ten, -ken, -fen, -sen, -chen of -pen (en ook -xen), dan gebruik je ge + ik-vorm + d voor het voltooid deelwoord.
  • Bij sommige zwakke werkwoorden wordt het voltooid deelwoord geschreven als ge + hele werkwoord.
  • Werkwoorden die met een e of i beginnen, krijgen in het voltooid deelwoord twee puntjes op een letter, of ook een "trema" genoemd.

  Voorbeeldvraag

Wat is het voltooid deelwoord?

a. lezen - ik heb .....
b. zoenen - zij hebben .....
c. pakken - hij heeft .....

 

Uitwerkingen

a. ik heb gelezen
b. zij hebben gezoend
c. hij heeft gepakt

… meer dan 25.000 leerlingen met
Slimleren oefenen…
… en dat zij Slimleren gemiddeld
beoordelen met een 9,2!

Wat is Slimleren nou eigenlijk?

Met Slimleren oefen je online voor de vakken waar je nog wat moeite mee hebt, waar en wanneer je maar wilt. Theorie-uitleg, video-colleges, vuistregels en meer helpen jou om de stof sneller te begrijpen. Daarnaast krijg je bij ieder fout gegeven antwoord direct een heldere uitleg hoe je de vraag het beste kunt oplossen. Zo leer je sneller en effectiever; dat is pas Slimleren!

Waarom kiezen voor Slimleren?

Onderdeel worden van ons multidisciplinaire team? Dat kan! We zijn op zoek naar starters in de zorg, maar ook naar medisch specialisten en GZ-psychologen. Eén ding staat daarbij vast: je vult je functie anders in dan je gewend bent. Vind de vacature die bij je past en solliciteer!

Leuk leren!?

Leren wordt leuker met Slimleren! Verzamel diamanten, speel mini-games en bereik gouden resultaten.

Goedkoper dan bijles

Slimleren is niet alleen leuker, maar ook veel goedkoper. Voor de prijs van 30 min bijles krijg je een hele maand Slimleren, al vanaf €8,95.

Geen stress

Met Slimleren houd je eenvoudig je voortgang bij en bereid je je optimaal voor op toetsen. Geen verrassingen meer!

Betere schoolresultaten

Ervaar volledig adaptieve programma's door ons. Ons systeem speelt slim in op jouw uitdagingen. Leuker én effectiever leren!

Slimleren is er voor iedereen

Met Slimleren oefen je online voor de vakken waar je nog wat moeite mee hebt, waar en wanneer je maar wilt. Theorie-uitleg, video-colleges, vuistregels en meer helpen jou om de stof sneller te begrijpen. Onze programma's zijn gericht op leerlingen van groep 5 tot en met groep 8 van de basisschool en klas 1 tot en met klas 3 van de middelbare school. Of je nu wat moeite hebt met een bepaald vak, of juist vooruit wilt werken; Slimleren is er voor iedereen.

Wil jij ook jouw kind laten kennismaken me Slimleren? Probeer nu onze programma's voor thuis 1 week gratis en vrijblijvend uit.