Wat voor functie hebben de bijzinnen in de volgende zinnen?
a. Mijn moeder hielp mij altijd met Engels, omdat ik dat erg moeilijk vond.
b. Morgen ga ik dat aan de tandarts die mij altijd helpt vragen.
c. De man die een rode zonnebril droeg, liep snel de winkel uit.
Uitwerkingen
a. Mijn moeder hielp mij altijd met Engels, omdat ik dat erg moeilijk vond.
Omdat ik dat erg moeilijk vond is een bijwoordelijke bepaling en kan je vervangen door daarom.
Daarom hielp mijn moeder mij altijd met Engels.
b. Morgen ga ik dat aan de tandarts die mij altijd helpt vragen.
de tandarts die mij altijd helpt is een meewerkend voorwerpszin en kan je vervangen door hem.
Morgen ga ik dat aan hem vragen.
c. De man die een rode zonnebril droeg, liep snel de winkel uit.
die een rode zonnebril droeg is een bijvoeglijke bepaling die iets zegt over het zelfstanding naamwoord man.