Bijwoorden van frequentie (adver...

Bijwoorden van frequentie (adverbs of frequency)

  • bijwoorden van tijd

  Theorie

Uitdaging

Met een bijwoord van frequentie (adverb of frequency) kun je bijvoorbeeld aangeven hoe vaak je iets doet of gebruikt. Een adverb of frequency is bijvoorbeeld always, rarely, never of usually. De plaats van dit woord in de zin is anders dan in het Nederlands.

In dit onderwerp laten we je zien welke bijwoorden van tijd er in het Engels zijn, wanneer je welke gebruikt en wat de juiste plek van een bijwoord van frequentie in een zin is.

Methode

Bijwoorden van frequentie gebruik je om aan te geven hoe vaak of weinig je iets doet of gebruikt.

De bijwoorden van frequentie zijn: always, usually, normally, generally, often, frequently, sometimes, occasionally, seldom, hardly ever, rarely, ever, never. In de afbeelding zie je wanneer je welk bijwoord gebruikt.

 

De positie van een bijwoord van frequentie in een zin

Het bijwoord staat voor het hoofdwerkwoord in de zin (behalve bij to be):

- I never liked that boy.
- My friends usually arrive on time.
- Bart sometimes forgets to clean his room.

Het bijwoord zet je achter het werkwoord to be:

- She is always happy to see her dog again.
- My sisters are often off to the beach together. 
- He isn't frequently at the gym.

Als er ook een hulpwerkwoord in de zin staat (have, will, must, might, could, would, can, etc.), dan staat het bijwoord achter het eerste hulpwerkwoord:

- They would hardly ever be that rude to him.
- Philip has occasionally beaten me at the tenniscourt.
- Marie could never have organised that holiday without me.

 

De volgende bijwoorden van frequentie kun je ook gebruiken aan het begin van een zin: usually, normally, generally, often, frequently, sometimes, occasionally:

- Normally, my brother and I get along pretty well.
- Sometimes, I like to play golf on Sundays.

De volgende bijwoorden van frequentie kun je niet gebruiken aan het begin van een zin: always, seldom, hardly ever, rarely, ever, never.

  Vuistregels

  • Een bijwoord van frequentie staat voor het hoofdwerkwoord in de zin (behalve bij to be)
  • Een bijwoord van frequentie zet je achter het werkwoord to be
  • Als er ook een hulpwerkwoord in de zin staat (have, will, must, might, could, would, can, etc.), dan staat het bijwoord van frequentie achter het eerste hulpwerkwoord

  Voorbeeldvraag

Zet de bijwoorden van frequentie op de juiste plek in de zin (vooraan mag niet).

1. He likes to go running along the lake. (sometimes)
2. Jessie had seen me at the grocery store. (often)
3. My uncle was at home with his family. (rarely)

 

Uitwerking

1. He sometimes likes to go running along the lake.
2. Jessie had often seen me at the grocery store.
3. My uncle was rarely at home with his family.

Word beter in de kernvakken en leer al je woordjes.

Probeer nu gratis